Zorgen over en voor je naaste; hoe ga je daarmee om? Lifecoach Laura Schoemaker geeft tips

pexels-photo-1243521

Je merkt aan je partner dat hij slecht slaapt, piekert en overdag erg moe is. Je merkt aan je broer dat hij somber is en weinig actief. Je dochter rent van hot naar her en geeft regelmatig aan dat ze zo druk is en wat last van hartkloppingen heeft. Of je merkt aan je zoon dat hij sneller geïrriteerd is. Je ziet aan je moeder dat zij zich steeds meer terugtrekt van sociale activiteiten en vereenzaamt, of je merkt aan een goede vriend dat hij steeds vaker een biertje drinkt sinds zijn vrouw overleden is.

Mogelijk herken je één van bovenstaande of een soortgelijke situatie. Je ziet het gebeuren, je voelt je enigszins machteloos en weet eigenlijk niet zo goed wat jij als naaste kunt doen zonder dat je jezelf tekort doet. Hoe kun je het gesprek op gang brengen?

Als je vermoedt dat een naaste niet goed in zijn of haar vel zit en je maakt je zorgen om diegene, dan is de eerste stap: vragen aan de ander hoe het gaat. De kans is redelijk groot dat je naaste zich er ‘makkelijk’ vanaf maakt met reacties als ‘het gaat wel aardig’ of ‘het gaat goed’, ‘niets aan de hand’ of ‘gaat wel weer over!’. Dit zijn veel voorkomende reacties. Het is uiteraard ook best mogelijk dat het veranderde gedrag van je naaste van tijdelijke aard is. Maar als in de loop der tijd je zorgen toch blijven bestaan en de veranderingen in gedrag of klachten bij die ander voor jou zichtbaar blijven, dan is het goed om dit aan te geven en actie te ondernemen.

Wat kun je doen als naastbetrokkene?

  • Kies een rustig moment uit voor een goed gesprek om echt te weten te komen hoe het met de ander gaat (géén vluchtig contactmoment).
  • Geef na de vraag en de reactie van je naaste vervolgens concreet aan wat jij aan veranderingen in het gedrag, uiterlijk of reacties hebt gemerkt en sinds wanneer.
  • Vraag of de ander dit herkent.
  • Spreek je zorgen uit en geef aan dat je er voor de ander wilt zijn, ondanks dat je waarschijnlijk niet dé oplossing hebt.
  • Kijk samen eens welke factoren mogelijk een rol spelen in de problemen die zijn ontstaan.
  • Vraag welke praktische zaken voor de ander nu wat teveel zijn en kijk samen wat jij daarin kan doen óf wie je daarin kan benaderen voor hulp.
  • Bied een luisterend oor, houd voor ogen dat niet alles praktisch opgelost kan worden, maar weet dat het delen van gedachten en het op een rij zetten samen al voor een stuk rust kunnen zorgen.
  • Focus samen op de positieve punten die werken en doe daar meer van.
  • Overzicht houden is voor veel mensen met angst-, stress- of depressie-problemen vaak lastig. Maak daarom samen een planning waarin zelfzorg een belangrijke plek krijgt.
  • Activeer mensen die door de klachten passiever worden juist wel en rem de mensen die teveel hooi op hun vork nemen juist af.
  • En weet: je kan de ander zover helpen als wordt toegestaan!

Houd in gedachten dat mensen die zelf klachten ervaren het vaak lastig vinden om dit daadwerkelijk te delen. De gedachte die daarin een rol speelt is vaak ‘ik wil de ander niet tot last zijn’. Ook is het goed om te weten dat veel mensen hun problemen het liefst vermijden. Ervoor weglopen lijkt dan een oplossing. Voor de korte termijn misschien, maar voor langere termijn werkt dit zeker niet.

Is er meer of andere hulp nodig, neem dan samen een besluit over welke vorm van hulp passend kan zijn. Een bezoek aan een huisarts, activatie via een sportcoach of een lifecoach bezoeken; het zijn allemaal mogelijkheden.

Zorg voor elkaar én voor jezelf! Groet Laura Schoemaker van praktijk Sensus Meus

Meer tips van lifecoach Laura Schoemaker?

Deel dit bericht